Denemarken trip

Voorbereiding 
Wil heeft deze trip voorbereid, dus voor het eerst hoefde ik niets méér te doen dan wat kleding in de camper te werpen en gaan met die banaan. Ook wel eens lekker. 
Eens komt de dag dat Wil niet meer hoeft te werken en dan hebben we geen tijdsbeperking meer en hoeven we helemaal niks meer te plannen. Nu hebben we steeds 2 weken, en dan moet je wel een plan hebben, want je moet toch op een bepaalde dag weer terug zijn he…
Tevens een online compliment aan van Slingerland Campers in Eindhoven. Zij hebben alle kleine aandachtspuntjes die we ontdekten tijdens de oefenvakantie, prima gefixed. Dat schept vertrouwen. De Crazy Horse blijft daarom ook bij hen in onderhoud voor grote beurt auto, keuring en camper opbouw-inspectie. Maar goed ook, want de Crazy Horse is dat heel zijn leventje al zo gewend. 

Dag 1: Zaterdag 17 juli 2010. Vlijmen – Bremen. Gereden: 391 km.
Om 9.45 uit Vlijmen weggereden, om 10.00 zat ik al een broodje kaas te eten. Is bekend he: het onderweg-gevoel: moet ik altijd broodje kaas… volgens mij zit dat in mijn genen of zo…
Voorspoedige rit gehad, en wat muziek betreft erg nostaligisch bezig: heel de rit Boudewijn de Groot geluisterd. 

De planning was om naar Oldenburg te rijden, maar we zagen op de kaart dat Bremen maar ietsje verder was en wat logischer op de route naar Flensburg lag, daar zijn we van plan morgen terecht te komen. Dus het camperplaatsen-gidsje geraadpleegd en er waren er 2 in Bremen. We zijn terechtgekomen bij Parking Im Pohl. 20 ruime camperplaatsen, waarvan er inclusief onze camper, 5 bezet zijn. 
Voor de camperaars: GPS coördinaten N 53.16700 E8.69600.
Ruime plaatsen, vlakbij een Grieks restaurant (waar we vanavond goedkoop, maar heerlijk gegeten hebben). Binnen 2 min. lopen sta je in een winkelstraat. De kosten: je moet als je wilt overnachten, een parkeerkaart kopen (inworp 3 euro, dus zorg wel dat je muntgeld bij je hebt) en dan mag je 24 uur staan. Stroom kost 1 euro per 8 uur, je kan dus kiezen of je wel of geen stroom wilt, los van de 3 euro overnachtingskosten. Er is ook een camper servicepunt aanwezig, voor chemisch toilet en vuilwatertank. Een aanrader dus. De info in camperplaatsen-gids dateerde uit 2009, als we weer thuis zijn zal ik eens kijken of ik op die site kan melden dat de info in juli 2010 nog steeds correct is.

Dit is de eerste keer buiten NL, dat we een camperplaats kiezen i.p.v. een camping. En dat bevalt ons prima. Er staan twee Duitse campers, een Britse en 2 Nederlandse. De Duitsers niet gezien of gesproken, met de Brit even een praatje gemaakt (hij heeft echt grote moeite met het rechts-rijden, dat voelt heel fout voor hem) en de Nederlander, een Fries, die kwam gezellig met zijn stoeltje een tijdje bij ons zitten kletsen. Een spontane, leuke man, die boeiend vertelde over de jaren dat hij gevaren heeft en over zijn tocht door Ierland en zijn ervaringen met bed-and-breakfast versus hostels. Dit is hun eerste camper, voorheen hadden zij een zeilboot. En hoewel hij niet bijster dol is op autorijden, werd tijdens het gesprek duidelijk dat hij wel van het vrije gevoel houdt: het niet weten waar je die nacht zal slapen, waar kom je terecht, kom je leuke mensen tegen onderweg, dat soort dingen, dus ik verwacht dat hij en zijn vrouw op hun manier erg van hun campertrips gaan genieten, samen met hun hond. Morgen trekken wij weer verder en zij ook, maar we hebben de URL’s van onze websites uitgewisseld, dus we hopen dat zij ons verslagje lezen en ons gastenboek tekenen. En natuurlijk ga ik, als we weer thuis zijn, zijn website bekijken. 
Het was een lange dag en echt kilometer-vreten. En morgen weer een lange trip, Flensburg was de planning, dat is nog net Duitsland, maar misschien dat we nog ietsje verder rijden, alleen om morgen al in Denemarken te kunnen zijn.

Dag 2: Zondag 18 juli 2010, Bremen – Krusaa. Gereden: 283 km.
We zijn nog steeds aangenaam verrast over hoe de Crazy Horse rijdt en dapper doortuft. Echt een wereld van verschil met onze oude Sir Mobiel. Natuurlijk is van enige haast geen sprake, maar de Sir Mobiel reed het lekkerst als ie 80 reed, en alles daarboven maakte nogal herrie en ging niet lekker. De Crazy Horse haalt moeiteloos 110 km/uur als het moet en nog ronkt het dieseltje zachtjes…. Echt pure luxe, vinden wij. 
Halverwege de rit gestopt bij parkeerplaats met een Marché-restaurant en daar getracht de meest FOUTE kom tomatensoep OOIT weg te werken. Alsof je een blik tomatenpurée probeerde leeg te lepelen…. En zó dik en gebonden dat de lepel er rechtop in bleef staan. Poging tot nuttigen van die dikke rode brij maar gestaakt, de koffie was wel lekker en we hadden toch ff pauze gehad. Wil wordt trouwens absoluut niet moe van het rijden, hij vindt het wel relaxed om achter het stuur te zitten. Maar af en toe ff pauze en de benen strekken kan nooit kwaad.
Om 14.00 uur aangekomen in Krusaa op Krusaa-camping,  Ik wilde toch graag de grens over naar Denemarken. Receptie was dicht tot 16.00 uur maar de slagbomen waren open en er hing een briefje in vrij slecht Engels, dat je gewoon een plekje mocht gaan kiezen en na 16.00 ff melden dat je er was. Deze camping is veel groter en luxer dan wij verwacht hadden. Niet dat wij dat nodig hebben, maar er is een zwembad op de camping en een grote speeltuin, en midget-golf. Ze verhuren hier ook skelters, in 2- en 4 persoons variant. Oogt heel gezellig, haast elk gezin met kinderen heeft zo’n skelter, je ziet er kinderen op rondrijden, maar ook ouders met kinderen en grootouders met kleinkinderen.
Het sanitairgebouw is luxe en schoon, en zelfs met radio! Een Deense lokale zender weliswaar, maar het is sfeerverhogend.
Nadat wij een plekje gekozen hadden, was het tijd om te lamballen. Ik voor de camper met een boek en een droge witte wijn, en Wil ging lekker in zijn stoel een dutje doen. En echt: het is een genot om te zien hoe die man kan dutten overdag. Serieus: ik kan lamballen, rondlummelen, kuieren, of hoe je het maar noemen wilt, als geen ander - ik heb luiheid zo’n beetje tot een kunst verheven - maar dutten? Niemand kan dutten zo mijn Wil dat kan. Ik zweer het: als hij een kater was, zou hij liggen spinnen.  Zo helemaal ontspannen en af en toe komt er een licht snurk-geluidje uit. En na een half uurtje is ie weer wakker en helemaal fit, he…

Onze campingburen: schuin achter ons staat een giga grote Frankia Camper, de ”de luxe”-versie, een dubbel-asser. Ding zal nieuw iets van rond de 130.000 euro kosten, schat ik. Zijn vrij jonge mensen, Noren, ze groeten ons wel vriendelijk, maar voor elkaar hebben ze nog geen glimlach over. Wij snappen niets van die mensen. De hele dag hebben ze niet buiten gezeten. Of nou ja, een kwartiertje en ze hebben geen woord met elkaar gewisseld. Op een gegeven moment kwam de gas bbq naar buiten (de mazzelaars hebben een buiten-aansluiting voor dat ding ook nog eens). Dus toen dachten we: “hee, leuk, nou gaan ze gezellig samen bbq-en.” Niks hoor, hij pleurde buiten van alles tegelijk op die bbq, zij zat binnen en bleef binnen, en toen alles gaar was hebben ze dat binnen opgegeten. En daarna ging de t.v. aan. O, en de schoenen blijven buiten op het matje staan, blijkbaar mag er in de Frankia niet met schoenen aan binnen gelopen worden…

Wát een wereld van verschil met onze buurtjes links naast ons. Die familie is de Deense variant van “de Tokkies”. De Deense Tokkies zijn luid en in grote getale aanwezig. Wij telden er – met de kleintjes erbij – al 12. Een grote, vrij oude caravan met dubbele voortent en twee puptentjes erbij en 3 auto’s. 
Alle volwassen leden van de familie hebben hetzelfde kapsel: bij de slapen opgeschoren en de kuif die er nog staat, knalrood geverfd. Dus óf zij willen zich duidelijk als familie profileren, óf ze hebben een grootverpakking knalrode haarverf ingekocht. .
Terwijl ik dit intik is het 23.30 en bij de Tokkies nog volop gelach en geluid en zo. Het schijnt dat toen ik was douchen, dat er nog meer familie-leden gearriveerd zijn en dat er nog een derde puptent opgezet gaat worden.
Maar zo zie je toch maar, he. Dat of je het ergens leuk heb of niet, niks te maken heeft met hoeveel geld je hebt of waar je mee rond trekt. Want als je het mij vraagt: de Deense Tokkie’s in hun caravan met die 3 puptentjes ernaast, hebben het vele malen gezelliger dan het stel dat op hun sokken hun peperdure Frankia is ingeslopen om nog ff t.v. te kijken en daarna te gaan maffen. Het kan natuurlijk zijn dat mijn indruk van het Frankia-stel niet klopt en dat zij het op hun manier ook wel leuk hebben, maar die indruk wekt het niet… Terwijl bij de Deense Tokkies, de gezelligheid en het plezier overduidelijk aanwezig is.

En neem ons als voorbeeld: begonnen met een oud campertje waar alle apparatuur soms werkte en soms ook niet. Lees als je tijd hebt ons archief eens, bovenaan op de vlaggetjes klikken. Het was een oud campertje, maar daar hebben we toch ook geweldig leuke vakanties mee beleefd.
En natuurlijk genieten we van reizen met de Crazy Horse, hoe fijn hij rijdt en alle apparatuur doet het, maar ons plezier is precies hetzelfde als met onze oude Sir Mobiel.
Ik denk, dat het “ergens leuk hebben”, in de mens zelf zit…
Morgen naar Legoland en we zien wel waar we een plek voor overnachting vinden.

Dag 3: Maandag 19 juli 2010 , Krusaa - Billund – Jelling. Gereden: 152 km.
We hebben de snelweg links laten liggen en zijn heerlijk binnendoor gereden. Een prachtige rit, soms kilometerslang niemand te zien. En het rijdt heel relaxed, niemand heeft daar haast. Je krijgt al rijdend een enorm gevoel van ruimte, de stukken waar je zo ver het oog reikt, geen gebouwen kan ontdekken.
Eerst naar Legoland. Dat was leuk voor een keer, maar kleiner dan ik verwacht had. Wel duur, entrée voor 2 personen plus parkeren kostte omgerekend 87 euro! . Een kop koffie 3,30 en die smaakte voor geen meter. Er zijn erg veel attracties, als je erheen gaat met kinderen onder de 10 jaar, heb je een hele dag nodig om overal in te kunnen. Vandaag was het zo druk, overal lange wachtrijen. Niet alleen voor de attracties, zelfs voor een hotdog moest je een uur in de rij. Er waren gewoon veel teveel mensen in dat park. Maar we hebben alle Lego-bouwsels wel bewonderd, ik vond vooral Mount Rushmore en Sitting Bull erg mooi. 
Daarna doorgereden naar Jelling, na weer een mooi stukje Denemarken aangekomen bij de Jelling camping. Is in Nederlands beheer: Barbara en Harry van der Burgh.
Dit is een gezellige familiecamping. Overdag rijdt er een soort van treintje over het terrein, de kinderen genieten enorm van het gratis ritje. 
Iets te eten was er niet – er is wel een restaurantje, maar door de week kan je daar alleen wat drinken en niks eten - dus Wil heeft zelf weer een lekkere maaltijd op tafel getoverd.

Schrikken… we zien net dat Wil ineens zijn hele teen open heeft liggen. Dus geen idee hoe het nu verder gaat… teen verbonden en morgen ff verder zien.

Dag 4: Dinsdag 20 juli 2010 , Jelling – Give - Jelling. Gereden: 43 km
Voor de zekerheid toch besloten een dokter te bezoeken en anti biotica te vragen i.v.m. Wil zijn diabetes plus zijn gevoeligheid om wondroos op te lopen en daarom ook besloten om een dagje langer in Jelling te blijven. 
Camping-beheerder had voor ons een afspraak gemaakt en 13.15 uur konden we terecht. Vriendelijke, goed Engels sprekende arts. Mocht niet de anti-biotica voorschrijven die Wil thuis preventief in huis heeft (en ZO stom van ons om dat spul niet mee te nemen in de camper) – was ”too heavy stuff” – dat mag in Denemarken alleen een arts die in een ziekenhuis werkt, voorschrijven. Hij faxte wel een recept door naar de apotheek in Give, is ook anti biotica, en beter dan niks preventief slikken. Dus naar Give gereden, medicatie en verbandspullen opgehaald en weer terug naar Jelling. In Give trouwens even een nostalgisch Nederland jaren 70 gevoel: een SPAR winkel binnenlopen! 
In Jelling hebben we de Vikingmomumenten bewonderd, 2 grafheuvels en twee runestenen, die Koning Gorm de Oude en Harald Blauwtand in de 10e eeuw hebben achtergelaten (sinds 1994 werelderfgoed van UNESCO). De mensen in Jelling zijn apetrots op de UNESCO-vermelding. De reden dat ik dat soort dingen imposant vind is niet hoe het er uit ziet, maar dat het er al zoveel jaren staat.  

Daarna terug naar de camping, lekker lamballen en ’s avonds weer Jelling in om een hapje te eten.

Sinds wij een camper hebben, krijgen we van vrienden, die zelf niet camperen of een caravan hebben of gewoon belangstellend zijn, vaak de vraag hoe we dat dan doen, als we ergens op een camping staan en een stadje is niet op loopafstand, omdat we immers geen fietsen bij ons hebben en ook geen auto. Simpel: je laat gewoon je tafel en stoeltjes op je plek staan, nieuwkomers snappen dan echt wel dat dat plekje bezet is, zelfs als de receptie niet bijhoudt welke plekken bezet zijn. 

De mensen naast ons hebben een caravan. Zij dacht dat een camper wel een beperking zou zijn, ze zei: “Maar wij staan hier een week en hebben met de auto allerlei stadjes kunnen bezoeken en jullie hebben geen fietsen bij, dus hoe doe je dat dan?”
Nou, wij hoeven niet elke avond terug te rijden naar dezelfde camping, wij overnachten gewoon waar het uit komt en de volgende dag weer door, he. Het leek haar nogal omslachtig. Totdat ik het zo probeerde uit te leggen: “Jij hebt deze camping - noemen we A - als uitvalsbasis. Jij staat hier een week. Dus jij gaat van A naar B en ’s avonds weer terug naar A. En dan van A naar C en ’s avonds weer terug naar A. En dan van A. naar D. en ’s avonds weer terug naar A. En dan van A naar E en ’s avonds weer terug naar A. En dan van A naar F en ’s avonds weer terug naar A. Omdat je caravan in A staat. Dan heb je in 5 dagen 5 stadjes bezocht. Wij gaan met onze camper gewoon van A naar B naar C naar D naar E en naar F…. en overnachten waar het ons uitkomt”. Zo had zij dat nog nooit bekeken. Ik snap dat wel, wij hebben voorheen vouwwagens en caravan gehad en dan reis je gewoon heel anders en kies je inderdaad een basis, vanwaar je alles gaat bekijken, omdat verkassen gewoon veel meer tijd kost. 
We waren erg blij met de bemiddeling van de beheerders van deze camping, om die doktersafspraak te krijgen. Dat is trouwens een triest verhaal: deze mensen, een Nederlands stel met zoon, zijn 4 jaar geleden hierheen gekomen om hun droom te verwezenlijken: een camping in Denemarken runnen. Nu, 4 jaar later, is die droom als een zeepbel uit elkaar gespat: het wordt echtscheiding, zij gaat met hun zoon terug naar Nederland, hij blijft hier in Denemarken. We hebben niet doorgevraagd over het hoe en waarom, maar we vonden het allebei zo triest. Want wij vinden het juist zo gaaf als mensen achter een droom aan gaan en doorgaans pakt dat precies zo uit als ze in gedachten hebben en die mensen worden daar heel gelukkig van. Helaas liep het voor dit vriendelijke stel anders af. 

Dag 5: Woensdag 21 juli 2010, Jelling – Arhus – Hobro. Gereden: 223 km, waarvan minstens 40 km doelloos i.v.m. verdwaald.
Vanochtend afscheid genomen van de vriendelijke beheerders van de Jelling camping, en hen veel geluk en voorspoed voor de toekomst toegewenst. Daarna naar Arhus, we kozen ervoor om niet met de kaart op schoot te rijden, maar met de tom-tom. En dat hebben we geweten (zie later in het verslag). Tom-tom ingesteld op “vermijd snelwegen” en wederom een prachtige rit binnendoor. Denemarken is echt een prachtig land om met een camper doorheen te tuffen. Kilometerslang kom je niemand tegen, het uitzicht links en rechts van de weg is wijds en prachtig.  Je hebt een groot gevoel van ruimte, alsof heel de weg van jou is….
Arhus binnenrijdend zagen we meteen een Lidl met ruime parkeerplekken, dus daar ff wat voorraad ingeslagen. Daarna de bordjes “Den Gamle By” gevolgd, want wij wilden graag naar de oude stad. Die tip hadden we van mensen die al vaker in Denemarken waren. De parkeerautomaat was defect, dus we moesten een kwartiertje wachten totdat de monteur het kwam fixen. Geen probleem, ff de vouwkrukjes uit de camper gehaald en buiten zitten wachten.
Den Gamle By was elke kroon entree waard. Zo geweldig, die oude stad. En de mensen daar spelen het helemaal mee, he, en in de kledendracht van toen. Zo sprak ik een Weduwe, die me vertelde dat ze daar gratis mocht wonen omdat ze weduwe van een priester was.  ze had een dochter van 25, ongehuwd en die kwam niet aan de man omdat er geen bruidsschat was…
Wil en ik vonden het echt super, om daar een paar uur rond te lopen en alle gebouwen te bezichtigen.

Ons plan was de Camping in Arhus te zoeken. Nou, de tom-tom deed meteen al moeilijk: we moesten bij een rontonde rechtsaf maar er was helemaal geen rotonde… en ze waren er aan de weg aan het werken. Dus ff snel gekeken wat de volgende stad in de planning was, en wat er halverwege zat. Dat was het stadje Hobro. Dus koers gezet richting Hobro, 2 campings gevonden, adres van de eerste in de tom-tom gezet. Dat liep jammerlijk mis: tom-tom stuurde ons kilometers voorbij Hobro, ergens een onverhard pad op… En in plaats van dat wij argwaan kregen omdat er geen bordje camping stond, dat pad ingeslagen. Achteraf denk ik: “hoe konden we nou zo stom zijn.” Want het is wel eens, dat de weg naar een camping een onverharde weg heeft, maar dan staat er toch echt duidelijk een bordje Camping he… Wij zijn daar gewoon domweg ingereden. Ik zat dus echt wel ff peentjes te zweten hoor… Pad werd steeds smaller - de takken van de bomen raakten ons zowel links als rechts - en geen camping in zicht, en nergens een plek om te keren. Maar doorgereden in de hoop dat het niet dood liep, en inderdaad: aan het eind van dat pad konden we weer het asfalt op. Adres van de andere camping ingetikt: tig km terugrijden en daar stond het bordje Camping na 3 km, linksaf. Wij linksaf: konden niet verder, stonden paaltjes op het rijvlak… maar weer ergens 2 vriendelijke Deense dames de weg gevraagd, want we konden het niet vinden. – onze ervaring tot nu toe met de Denen is dat ze allemaal Engels en sommigen liever Duits spreken, wij verstaan beiden, ik spreek goed Engels en Wil spreekt vloeiend Duits, dus qua communicatie geen probleem en de Denen blijken heel vriendelijk en behulpzaam te zijn. 
De dames wezen ons dezelfde weg, maar daar stonden dus wéér die paaltjes he…

Om een lang verhaal nog langer te maken: maar gestopt bij weer een SPAR winkel. En een klant daar, sprak goed Engels en was zo hulpvaardig om ons erheen te rijden! “You drive after me”, zei ze, “it’s only 3 km and very nice camping.” Zij voorop, we hadden moeite haar bij te houden, zo hard reed ze. En wat bleek: die weg met die paaltjes, daar mochten we gewoon doorrijden! 
Toen ze stopte op de weg naar de camping, ervan overtuigd dat we nu de weg zouden kunnen vinden, vertelde ik haar wat het probleem was: dat wij dachten dat we niet rechtdoor mochten vanwege die paaltjes. Haar reactie: “No, they are flexible, I am a truck driver, I can hit them or drive over them and they just bounce back.” Ze raadde ons verder een goede gedetailleerde kaart van Denemarken aan: Kraks Danmark. Kost 200 Deense Kroon, maar erg betrouwbaar.
Wij hebben deze kleine, stoere truck driver (vrouwtje was tenger en niet groter dan 1.60) van harte bedankt en de hoop uitgesproken, dat als zij ooit in NL komt, dat ze dan dezelfde vriendelijkheid en hulpvaardigheid zal tegenkomen, zoals wij die vandaag van haar gekregen hebben. 

Uiteindelijk kwam het helemaal goed. Gearriveerd op de Bramslev Bakker camping
Voor de camperaars: coördinaten: N 56.40885 E 10.11604
De camperbeheerder hier, vind ik niet zomaar een beheerder, hij is een ware gastheer! Hij is gepensioneerd, woont daar permanent naast de camping in een houten huis en beheert deze camping gewoon voor de fun.
Wij kwamen aanrijden, hij riep al meteen: “Pick a spot, I will visit you!” 
Dus wij kozen een mooi plekje om de Crazy Horse neer te zetten, en uurtje later kwam hij naar ons toe. Met een hele uitleg over het Fjord en de term “bakker”. Want hij weet wat bakker in NL betekent, en dat heeft niets te maken met het Deense woord. In Deens is een “bakke” een heuvel. Deens meervoud is een –r erachter, dus: heuvels. En dit fjord is inderdaad prachtig en omgeven door heuvels. Ik heb zelden zoiets moois gezien – maar wij zijn ook nog niet in veel landen geweest. Oostwaarts gaat dit fjord over in het Kattegat, dan heet het Mariager-fjord.
Wij vinden dit zo’n prachtige plek, als je eens in deze buurt bent, dan moet je echt dit fjord zien en ook de Bramslev Bakker. En als je iemand met ware passie over “zijn” fjord en “zijn” Bramslev bakker” wilt horen spreken, dan moet je echt naar die camping. En als je geïnteresseerd bent in mensen en wat hun “drive”, hun “passie” is: dan moet je zeker deze campingbeheerder ontmoeten. 

Het is 0.05 en het regent hier zacht. Ik heb thuis www.weer.nl gechecked en we verwachten slechter weer. Tot dusver was het stralende zon en 25 graden, vanaf vandaag is het een beetje afwachten.

Maar we zijn ook niet in Denemarken voor het mooie weer, we zijn hier om in het land rond te reizen….

Dag 6: Donderdag 22 juli 2010, Hobro - Sebbersund – Frederikshavn. Gereden: 147 km
Het weer blijft prachtig: zonnig en 25 graden.

Vanochtend te voet een slingerpad naar beneden gevolgd, om het Fjord van heel dichtbij te zien. Het was de klim terug meer dan waard. Afgerekend met de beheerder (130 Dkroon) en nog eens gevraagd naar die paaltjes. De paaltjes blijven onze gemoederen bezighouden, ha ha, want in NL als er paaltjes op de weg staat, betekent dat dat je er met een auto niet heen mag, dat die weg fietspad wordt… Hier zijn die paaltjes er om snelheid af te remmen en zijn inderdaad flexibel, je kan er zelfs overheen rijden. Op de terugreis gestopt bij de paaltjes, en inderdaad, dat klopt. 

Vertrokken van deze prachtige camping, we wilden op onze rit naar Frederikshavn in Sebbersund stoppen, want volgens de folder zou daar een prachtig gereconstrueerd viking huis staan met binnen een expositie. In Denemarken staan alle bezienswaardigheden met een speciaal symbool ervoor, prima aangegeven onderweg. Alleen dit keer geen bordje gezien. Dus dorpje ingereden en gestopt bij een Kro (Kro = kroeg/herberg). We vroegen 2 koffie, ze zei: “Okay, 10 minutes” en ging voor ons een verse pot zetten. Die werd geserveerd met 2 kopjes en een thermoskan. Voor 40 kronen mochten we die hele kan leegdrinken. 
Heel gemoedelijk kroegsfeertje daar. Toen ik vroeg naar het vikinghuis, vertelde één van de gasten, een dorpsbewoner, in goed Engels dat dat absoluut niet de moeite waard was om heen te rijden. Niets te zien, zei hij, absoluut geen bezienswaardigheid. Serieus: hij heeft het me 3 x afgeraden, haast alsof ie zich schaamde voor de vermelding in de folder. (Dat had hij vaker meegemaakt, dat mensen daar terecht kwamen met een folder en de vraag waar de Viking-by (Vikingstad) was. Ik vroeg of dat Vikinghuis er dan ook niet stond. Jawel, dat stond er, maar verder niets… We raakten in gesprek, hij was ooit met een auto door Duitsland en Nederland getrokken, hij kende Groningen, Zeeland en het zuiden. Hij vroeg me of het waar was, dat tegenwoordig in NL in coffee shops niet meer gerookt mocht worden, dat vond hij echt hilarisch. Eh… en dat is het natuurlijk ook . Ik vertelde hem dat ik gelezen had dat Sebbersund vroeger een belangrijke handelsplaats was. Dat klopte, hij vroeg me mee te lopen naar een landkaart die daar aan de muur hing. 1000 jaar geleden, liep het fjord helemaal door naar de zee, vandaar dat Sebbersund zo belangrijk was voor de handel, heel vroeger. 
Daar afscheid genomen, bedankt voor de info, en toch maar gevraagd waar dat vikinghuis stond. Hij drukte me nogmaals op het hart dat het 3 x niks was, maar vertelde dat het bij de bushalte links af was.
Nou, en toen we daar aankwamen, kregen Wil en ik echt de slappe lach ja…. Één lullig huisje en verder niks. Geen parkeerplaats, geen bordje met info, helemaal niets. 
En toen we het dorp uitreden: daar stond wel een bordje: “Viking-by” Ha ha… ik kan snappen dat de man ietwat gegeneerd was, hoor. Je zal als toerist per ongeluk onderweg dat bordje zien en een heel Vikingdorp verwachten en er staat dan alleen dat ene lullige huisje .

Onze reis voortgezet, we hadden ook vandaag weer een stuk Margriet-route (Wil heeft deze route uitgestippeld en we merken nu, dat we onderweg een aantal keren op de Margrietroute rijden), en zo’n 6 km vóór onze eindbestemming reden we een helling op, en stonden we ineens op de Oksnebjerg, met schitterend uitzicht op het Kattegat. Daar uitgestapt, uitzicht bewonderd en foto’s gemaakt. De Oksnebjerg ligt 95 meter boven de zeespiegel. 
6 km. verder kwamen we aan op de camperplaats bij de haven: Frederikshavn Marina. 
Voor de camperaars: Adres is Sosportsvej 8, GPS coördinaten N 57.42434 E 10.52719

Kosten zijn 20 euro of 140 DKroon, dat is inclusief stroom en sani. Betalen bij de Havenmeester, je krijgt dan een bandje voor in je auto, in de kleur van die dag, zodat hij kan controleren of je betaald hebt. Je mag hier officieel 24 uur staan, maar ons werd al gevraagd voor hoeveel nachten, dus als het niet druk is, zal je vast 48 uur mogen blijven. De code van het sani gebouw wordt op je betaalbonnetje gekrabbeld.
Je staat pal aan het water, met een prachtig uitzicht op de jachthaven. Er is ook een restaurantje, waar we vanavond lekker gegeten hebben voor een redelijke prijs.
Wil zit buiten nog ff te genieten van de meeuwen, het uitzicht en de opkomende vloed. Ik zit al in de camper, driftig te typen. Ach… wat kan ik zeggen…. Ik heb inmiddels een vaste groep lees-fans, onze vrienden en familie en wat toevallige voorbijgangers en een aantal camperaars. I aim to please .

Dag 7: Vrijdag 23 juli 2010, Frederikshavn – Skagen. Gereden: 46 km
Na een korte rit aangekomen op Grenen Parking in Skagen.
Voor de camperaars: GPS coördinaten N 57.73892 E 10.63366
Er zijn 8 camperplaatsen, maar als die vol zijn, doen ze hier blijkbaar ook niet moeilijk als je met je camper in een bus-vak gaat staan overdag.
Na 18.00 uur mag je gratis staan, je moet dan wel vóór 9.00 uur ’s ochtens weer weg zijn. Of je koopt een kaartje voor een uurtje extra, kost 12 Dkroon per uur, is ongeveer 1,80 euro.
We hebben voor deze plek gekozen, omdat de camperplaatsen net vóór de duinen zijn, je loopt de duin over en je kan vanaf een hoge duin het Kattegat zien. Iets verder lopen en je bent op het strand.
Wat we wilden zien, was de plek waar het Kattegat en het Skagerak elkaar raken. 
Voor 20 Dkroon word je met een busje naar die plek gereden. Of busje… het is een tractor met een wagen erachter. Een busje zou het nooit redden, want ze rijden helemaal over het strand, die tractor ploegt flink door het mulle zand. Er rijden 3 tractors en een retourticket heb je voor 3 euro, dus je kan gewoon met het ene busje heen, en met het volgende busje weer terug. 
Wat we zagen, is echt onbeschrijfelijk mooi. Onbeschrijfelijk, maar ik probeer het toch.
Je staat op een steeds smaller wordend stukje strand, wat uiteindelijk helemaal in de zee verdwijnt. Aan je rechterkant komen de golven van het Kattegat het strand op rollen, aan je linkerkant de golven van het Skagerak. Normaal gesproken, als je aan zee bent, sta je op het strand en zie je de golven naar je toe rollen. Hier sta je op het strand en zie je de golven zowel links van je als rechts van je op je af komen rollen. En waar het strand verdwijnt, botsen de golven van beiden ,Kattegat en Skagerak, als het ware tegen elkaar op. Het is echt een heel apart gezicht. Je kan dus met je ene been in het Kattegat staan en met je andere been in het Skagerak.
O, en ik heb daar mijn eerste scherpe foto ooit gemaakt. 

We hadden in Frederikshavn al gehoord over het bikers-treffen, hier in Skagen. Op weg hierheen zagen we het terrein waar ze kamperen. Het zijn er 4.000 en een aantal van hen is vandaag hier om de zee te gaan zien. Er staat hier dus heel wat moois aan Harley’s, Suzuki’s, Moto Guzzi’s en Yamaha’s. Heel stoer dus, al die mannen en vrouwen in het leer. Ook grappige contrasten: staan daar 4 stoere bikers, met Heavy-Metal fanshirtjes en helemaal in het leer, gewoon heel blij een ijsje te eten. .

Deze camperplaats bevalt ons wel. Er is een toiletgebouw, een kioskje, een tentje waar je hot-dogs en ijs e.d. kan kopen en er is ook een restaurantje. (weet niet of restaurant duur is, wij hebben in de Crazy Horse ons eigen potje gekookt). Geen stroom en water en ook geen servicepunt. Overdag druk vanwege de dagtoeristen, maar na 20.00 heel rustig. We staan hier ’s avonds uiteindelijk met 6 andere campers en 2 caravans. En er staat een gewone auto, die mensen liggen daar gewoon in hun auto te pitten. Ja, zo kan je ook een road-trip doen, natuurlijk.
Vandaag voor het eerst een avondje t.v. gekeken, het nieuws. Wij hebben nooit eerder een t.v. mee gehad, hadden ook geen schotel+receiver. Maar ja, deze camper heeft dat wel, dus toch maar een Canal Digital kaartje gekocht. Maar als het weer het toe laat, zitten we toch liever zo lang mogelijk buiten, totdat Wil gaat maffen en ik nog ff verslagje tik. Of we leggen een kaartje. Maar goed, voor een keer is het best wel leuk.
Wil is zijn pootje aan het verbinden, ik heb nog een half uurtje op de accu, want we hangen hier niet aan de stroom. Nog ff verslagje doorlezen, wat ik tot nu toe geschreven heb, en dan naast Wil in ons bedje kruipen. 

Ik zag dat mijn camperbuurvrouw ook verslagjes schrijft, maar nog op de ouderwetse manier: zij schrijft met de hand in een soort van plakboek. En ik zag dat ze wat uit een folder knipte en bij dat verslagje plakte. Heeft zeker ook zijn charme.
Maar ik kies voor de laptop en de digi foto’s die Wil er achteraf bijzet.

Dag 8: Zaterdag 24 juli 2010, Skagen – Fjerritslev. Gereden: 130 km
Vanochtend van de camperplaats weggereden, Wil heeft nog de rommel van een ander opgeruimd. Er stond hier een caravan en die dumpte zijn afval in een doos gewoon waar hij stond en reed weg. Terwijl het een paar meter lopen is naar een afvalbak. Dat heeft Wil dus maar opgeruimd. Want tja, dat soort mensen verpest het voor anderen, he. 
Lekker weer op weg en om 9.15 uur werden we al aangehouden voor alcohol-controle. Dat was natuurlijk vanwege het bikers-treffen. Wil moest blazen, niks aan de hand natuurlijk en we mochten verder rijden.

Terechtgekomen op de Svinklov Camping in Fjerritslev. We waren gewoon wat op de kaart aan het zoeken, iets tussen Skagen en Krik, en mijn oog viel op een plaatsje in de buurt, dat heet Slettestrand. Dat vond ik grappig, dus een plekje daar in de buurt gekozen.

Deze camping is wat ons betreft geen verdere vermelding waard. Niet dat er wat mis mee is, maar het is een beetje duf sfeertje hier, allemaal mensen die hier 2 weken of langer staan, er wordt vriendelijk geknikt in het voorbijgaan, maar een praatje maken is er niet bij… ik denk dat Wil en ik toch meer mensen zijn voor een camperplaats. Met de vorige camper durfden we dat niet goed aan, omdat er nogal wat haperde: soms geen warm water en geen verwarming. Met deze camper kan dat wel en deze trip zijn de camperplaatsen die we bezocht hebben, ons super bevallen. 
Campings hier zijn erg luxe, daarom kost een overnachting ook al gauw 28 tot 30 euro. Er zijn prachtige sanitairgebouwen, kookgelegenheden, t.v. kamers, internet-cafeetjes… maar dat alles hebben wij niet nodig, en wij houden ook meer van iets gemoedelijker en wat knulliger allemaal. Een camping zoals de Jelling Camping, dat heeft een gezellige familiesfeer, of de Bramslev bakker camping, met die enthousiaste gastheer/beheerder: dat hadden we niet willen missen. Dat heeft een speciaal sfeertje, en ervaren we als gemoedelijk. Maar de camping waar we nu staan heeft niks, nada uitstraling. Bovendien zijn wij eigenlijk beginnende camperaars en zouden we graag anderen spreken en van hun ervaringen leren. We zijn lid van de NKC maar kennen die club verder eigenlijk helemaal niet. Misschien toch een idee, om eens zo’n meeting bij te wonen. Notitie aan mezelf: thuis eens uitzoeken waar er ergens een meeting is binnenkort.

Maar in de buurt van Krik geen camperplaats kunnen vinden, dus morgen toch maar weer een camping.

Dag 9: Zondag 25 juli 2010, Fjerritslev – Tommerby – Krik. Gereden: 93 km
Onderweg ietsje afgeweken van de route om de Vikingbegraafplaats in Tommerby te gaan bekijken. Veel grafstenen en een paar grafheuvels, maar toch apart om te bedenken dat dat alles er al rond 800 lag. Daarna kwamen we door een dorpje met een Euro Spar aan de doorgaande weg, dus daar weer ons koelkastje gevuld.
Toen door naar de Krik Vig camping in – je raadt het al – Krik. 
GPS coördinaten: N 56.77878 E 8.26143
Hier hebben we de rest van de trip doorgesproken en de plannen wat aangepast. We willen morgen al in Ribe zijn, daar hebben we een camperplaats gevonden op 800 m van Ribe centrum. 

Verder heerlijk en heel goedkoop gegeten in het restaurantje hier. Personeel is wederom super vriendelijk. Ook weer wat genant achteraf: in NL, als we lekker gegeten hebben en de bediening was vriendelijk, dan geven we fooi, door de rekening naar boven af te ronden. Op 4 tot 6 euro komt dat meestal uit. Wij hebben hier heerlijk gegeten en de man van het restaurant moest voor mij een droge witte wijn gaan zoeken (is blijkbaar weinig vraag naar, ik zie Denen op terrasjes alleen maar verschillende soorten bier drinken) en hij had een lekker wijntje voor me gevonden. En het is hier zo rustig, zo weinig plaatsen bezet, we kregen de indruk dat ie blij was dat er nog íemand kwam eten… dus we kregen de rekening ( en die was voor 2 maaltijden met als drinken een glas wijn en een donker biertje nog geen 25 euro omgerekend, terwijl ik een halve haan had, perfect gegrild en Wil een streekgerecht gekozen had wat ook heel lekker was). Dus afrekenen in Dkroon, en Wil doet wat ie thuis doet: afronden naar boven. Op de weg terug naar de camper berekenden we, dat die arme man van ons omgerekend slechts 1 enkele lullige euro fooi had gekregen. En dat voor een heerlijke maaltijd en perfecte bediening.

Ik heb een onbeveiligd netwerk gevonden en kan dus gratis internetten. Is nog een snelle verbinding ook.  Ging ruim 3 uur goed en nu heeft ie me eruit gegooid. Niet erg, ik kan offline mijn verslagje ook wel tikken natuurlijk. Ik ga zo de laptop maar eens opbergen en naast hubbie kruipen in ons camperbedje.

Dag 10: maandag 26 juli 2010, Krik – Bork Havn – Ribe. Gereden: 204 km
Vandaag naar Ribe, maar via Bork, we wilden graag Bork Vikingehavn zien.
De rit begon meteen al met een incidentje: ze waren aan de weg aan het werken, rechts was een greppel en links stond een auto geparkeerd. Verder naar rechts rijden ging niet vanwege de greppel, en toen raakte onze buitenspiegel de buitenspiegel van de geparkeerde auto. Wij gestopt, de man begon meteen ons kenteken te noteren. Want verdorie, de tweede keer al dat er iemand tegen zijn auto aan zat en bij de vorige was ie te laat met kenteken noteren, die auto stopte niet. En of Wil verzekeringspapieren bij had. De man sprak geen Duits en slecht Engels, dus er werd iemand bijgehaald. Wil zei dat hij verzekeringspapieren bij zich had, maar of hij ff de schade mocht zien. Nou, het glas lag uit de buitenspiegel. Wil raapt dat op, klikt het weer in het frame van de spiegel en zei: “Fixed.” O, de Deen had niet in de gaten dat dat zo gemakkelijk te fixen was. Hm…. Geeft toch te denken…. Maar opgelost en verder naar Bork.
De route via weg 11 is mooi! Hele stukken prachtig glooiend, dan weer plat. En zoveel te zien onderweg, heerlijk! Dit ritje was weer puur genieten, hoor.
In de buurt van Bork moesten we wel ff opletten, want de gewone haven is rechtdoor, Bork Vikingehavn is linksaf, staat aangegeven. Ruime parkeerplaats bij het Fahl Kro museum. 
De vikinghaven is echt heel leuk, ze bootsen daar het Vikingleven van vroeger na, met boten, een marktplaats, allerlei dagelijkse dingen zoals brood bakken, vuur maken om te koken en een smederij.  Een Deense dame die vloeiend Duits sprak (en blij was dat wij Nederlanders waren, wij verstaan Engels en Duits, maar haar Engels is niet best) vertelde prachtige verhalen over de goden, het Walhalla, de offerplaats en zo nog veel meer. 
Een stukje verderop werd het helemaal leuk: daar werden 3 vrijwilligers gevraagd om de slavenmarkt na te spelen. 3 kinderen wilden wel, zij werden met hun polsen vastgebonden en met groot vertoon van theater naar de markt gebracht en geveild. Humor: de Duitse moeder van één van die kinderen merkte droog op, dat als haar zoon verkocht werd, ze hem vast wel terug kon kopen via Ebay . Het was echt heel leuk om eens mee te maken.

In de camper een broodje gegeten en door naar de camperplaats in Ribe.
Voor de Camperaars: Ribe parking, Haulundvej 164, Ribe.
GPS coördinaten: N 55.31730 E 8.75896
Ligt aan het meertje Storkesoen, centrum Ribe en Viking center op loopafstand. Prijs inclusief sani en stroom: omgerekend 19,60 euro.

Morgen het Vikingcenter bezoeken en het centrum van Ribe. Dus we blijven hier een extra dagje staan met de Crazy Horse. 

Dag 11: dinsdag 27 juli 2010, Ribe. Gereden: 0 km.
Heerlijk geslapen, ik werd pas om 10.00 uur wakker! Op ons gemakkie ontbeten en daarna naar het Viking Centergelopen. Behalve dat er een valkenier was en dat de vikingen deze week op IJslandpaarden reden, was het ook weer een weergave van hoe een Viking vroeger in een stadje leefde. Het verschil met gister was, dat er gister veel interactie met de toeristen was, ook heel veel humor, dat hele slavenmarkt-gebeuren bijvoorbeeld, en vandaag leek het veel natuurlijker. Meer of je stiekem naar de Vikingen keek die hun Vikingen-dingetjes deden, alsof zij zich van geen toeschouwers bewust waren. Beter kan ik het niet uitleggen. Het is geen duur uitje: 11,30 euro voor volwassenen en parkeren is gratis.
Terug bij de camper lekker wat liggen luieren. 
Daarna naar het centrum van Ribe gelopen. Mooi oud stadje, maar echt een toeristenstadje. Het deed me meteen denken aan Heusden (oude vestingsstad), maar dan groter. Wel lekker en goedkoop gegeten bij een pizzeria. Wil je wat luxer dineren, a la carte in een hotel of restaurant, dan hangt daar een duur prijskaartje aan hier. 
Het is hier op de camperplaats een gezellig komen en gaan van campers en leuk om te zien wat er zoal staat hier. Jonge campers, oude campers – die zeker ook hun charme hebben. Eén van de oude campers heeft een aanhanger waar 2 honden in zitten, dat had ik nooit eerder gezien. Het is een aanhanger speciaal voor honden, het schijnt dat die beestjes er comfortabel in reizen.
We staan hier aan een meertje, dat erg populair is bij vissers. Hier wordt op forel gevist, en er zitten er heel wat. Af en toe zie je zo’n forel uit het water springen en weer terug, om vliegjes te happen. Sommigen springen wel 30 cm hoog. Een grappig gezicht. Net zo grappig als Wil met zijn camera, die maar zit te wachten tot ie zo’n springende forel op de gevoelige plaat kan vastleggen. Het is hem niet gelukt. Steeds als er eentje sprong was ie net te laat, en als ie dan met engelengeduld met zijn camera op die plek gericht zat te wachten: sprong er ergens anders weer eentje omhoog 

O, en zal je net zien: heb ik eindelijk door hoe ik snel de waarde van iets kan bepalen door de Deense Kroon om te rekenen met een ezelsbruggetje ( kroon op 0,15 eurocent stellen en dan is het komma naar links en de helft erbij, dus 100 DK = 10 + 5 = ongeveer 15 euro): is dit tevens onze laatste dag in Denemarken. Want morgen gaan we de grens naar Duitsland al weer over. Dus aan deze vergaarde kennis heb ik voorlopig niets meer. 
We hebben wel nogal wat kronen over, eens kijken of we die hier kunnen inwisselen voor euro’s.

Wat onze Crazy Horse betreft: Wil en ik hebben na deze eerste “echte” vakantie, allebei onze draai helemaal gevonden. Tijdens deze trip is de Crazy Horse geüpgrade van camper Elnagh Slim, naar het gevoel van: “Ja, ons eigen hutje onderweg”, hoor. De Engelsen hebben daar een prachtige term voor: “Our home, away from home.”

We hebben hier een extra dag gestaan, maar het begint nou wel weer te kriebelen, hoor: we willen verder trekken, morgen weer op een andere plek overnachten 

Dag 12: woensdag 28 juli, Ribe – Itzehoe. Gereden: 192 km.
Om 11.00 uur vertrokken uit Ribe. Net toen we wilden wegrijden, bij het service punt, werden we aangesproken door een aardig stelletje, waren Nederlanders. Zij vroegen waar ze zich moesten melden voor betaling, hadden aan ons nummerbord gezien dat wij Nederlanders waren, he. (Zo doen wij dat ook, hoor, als we wat info willen). Even een praatje gemaakt, zij waren net begonnen aan een trip door Denemarken, zij hadden 3 weken, dus kunnen het volop rustig aan doen. Wij hebben hen de tip over Hobro en Skagen doorgegeven plus GPS coördinaten voor Skagen, omdat die Grenen Parking in Skagen niet in het gidsje staat. (Zij waren ook NKC lid, hebben dat gidsje ook mee).
Wellicht lezen ze dit verslag bij thuiskomst en herkennen ze zichzelf, dat wij elkaar in Ribe zijn tegengekomen.

We namen het eerste stuk van de route naar Itzehoe via de snelweg, onze tank was 3 kwart leeg maar we wilden graag over de grens tanken. Dat lukte in Schleswik, daarna weer binnendoor, de 77 naar Itzehoe. 20 km vóór Itzehoe zagen we een Aldi met ruime parkeerplaatsen, dus daar weer onze voorraad voedsel aangevuld. We kochten daar een paar spannend uitziende worstjes, dat wordt deel van ons avondmaal.

We kwamen terecht op Parking Malzmueller Wiesen, Schumacher allee. GPS coördiaten:
N 53.91917 E 9.51722
Volgens de gids zouden daar 6 gereserveerde plekken zijn voor campers. Maar daar stond op de parking geen info over, alleen bord met aanwijzing voor het camper service punt. Verder is er geen stroom en geen toiletgebouw. Maar die parking is giga groot, dus wij hebben onze camper gewoon achteraan geparkeerd. Daar is plaats voor zeker 20 campers of meer. 
We wilden toch het stadje in – we staan hier tegen het centrum aan, 2 min lopen en je staat midden in het centrum – dus toch het Tourist Info punt eens opgezocht voor info. De dame daar wist ook niets over gereserveerde plekken, ze wist alleen dat je hier gratis mag staan en dat er geen 24- of 48 uur limiet is. Deze parking staat in een gids met vele andere gratis camperplaatsen in dit gebied, die kregen we gratis mee. 

Hier heeft Wil ons potje weer gekookt. De eerder genoemde spannend uitziende worstjes, dat waren “Berner Würstel mit Käse und umwickelt mit gegartem bauchspek”. Was een soort knakworst met kaas erin, en een soort katenspek eromheen. Wil had daar geribbelde aardappelschijfjes bij gebakken (eerder gekocht in Denemarken en in het vriezertje gegooid) en lekkere sla erbij. Mijn keukenprinsje in actie: 

Achter deze parking ligt een meertje, waar we ’s avonds naar toegelopen zijn en we hebben lekker samen op een bankje aan het water gezeten. Er waren daar veel eenden, dus ik terug naar de camper om het brood van vandaag te gaan halen, het halfje wat we gister in Ribe gekocht hebben. (Omdat het centrum zo dichtbij is, met een bakker op elke hoek, gaat Wil morgen zeker als hij wakker is, weer lekker verse broodjes kopen. Naar centrum is 2 min. lopen, maar hier tegenover de Parking is op donderdag de weekmarkt).
Was ook leuk, eentjes voeren 

Wij waren de eerste camper die hier arriveerde, we staan nu met 5 campers op een rijtje.
Net waren er nog een stel jongeren aan het meertje,was gewoon gezellig gelach en gepraat, absoluut geen overlast. Nu, 23.30 is alles in diepe rust. 
Ik heb nog 1 uur accu voor de laptop, dus nog ff alles nalezen op spelfoutjes en dan naast mijn hubbie in ons camperbedje kruipen.

Dag 13: donderdag 29 juli, Itzehoe - Delmenhorst. Gereden: 137 km.
We wilden absoluut Hamburg mijden, daar zijn ze aan de weg aan het werken tot juni 2011 en we hoorden onderweg van mensen, dat zij daar 2 uur in de tunnel in de file hadden gestaan.
Dus we hebben bij Glückstadt de veerboot genomen, over de Elbe naar Wischhafen (kostte 17,50) en verder binnendoor gereden. Onderweg gestopt voor koffie bij een Imbiss, Drive-to-Döner. 2 koffie besteld, we hoefden niets af te reken: “Kaffee ist um sonst”. Gratis, dus. 
Om 13.00 uur al aangekomen op Parking Graftwiesen, An den Graften, Delmenhorst.
Voor de camperaars: GPS coördinaten: N 53.04722 E 8.62361
Er zijn 8 camperplaatsen, 4 met stroom. Je mag er gratis staan, 10 dagen zelfs, stroom kost 1 euro per Kwh. (wij hebben het “grootverbruik” qua stroom met koffiezet-apparaatje en laptop opladen, de koelkast hebben we op gas gezet, 2 euro in de automaat gegooid en dat bleek ruimschoots voldoende). Camperservicepunt aanwezig. 

Ik heb werkelijk geen idee waarom deze camperplaats in 2008 als “sfeerloos” is aangemerkt. Ik citeer: “gereserveerde, ruime plaatsen op sfeerloze mix-parking – kiosk – verkeerslawaai mogelijk – centrum 3 min.”

Hoe je iets ervaart qua sfeer, is natuurlijk een subjectieve waarneming, waar niet over te discussiëren valt. Maar verder vraag ik me af of degene die deze review over deze parking gaf in 2008, überhaupt zijn camper wel uit is geweest? Of dat in 2 jaar tijd de dingen zo veranderd zijn hier?

Mijn waarneming: centrum 3 min lopen, dat klopt. Ruime plaatsen, klopt ook, en buiten dat de plaatsen ruim zijn, hebben ze nog een hele baan extra parkeervakken opgeofferd en gemarkeerd, zodat de campers ook weer gemakkelijk weg kunnen rijden. Maar sfeerloos? We staan hier aan de rand, omgeven door bomen, gezellig met 5 campers op een rijtje 
(Correctie 23.30 uur: 6 campers, er komt er net nog eentje aanrijden.  en hebben met andere camperaar wat ervaringen over Denemarken uitgewisseld. Kijk je recht voor je uit, daar is een uitgestrekt, prachtig park, waar je heerlijk kan wandelen langs het water. Je kan er ook roeiboten en waterfietsen huren. Er is een mini-golf en een mooie speeltuin voor je kinderen.

De opmerking: “verkeerslawaai mogelijk” zal ook vast moment-afhankelijk zijn,want behalve het campertje dat hier net gearriveerd is, is het rustig. Terrein is ook verlicht trouwens.
En de kiosk: die wordt gerund door een oud besje, ze heeft wat etenswaar en veel snoep. Maar je kan er ook koffie krijgen en voor 1.20 euro kan je in het mini-barretje een biertje drinken.

We gingen ons melden bij de Tourist Info in het Rathaus (parkeerplaats aflopen en dan is het het hoge gebouw aan de overkant van de straat). Het Rathaus zit onderin, en daarin zit weer het Tourist Info center 
Daar kregen we van de vriendelijke balie-medewerkster een Parkausweis Wohnmobilstellplatz voor een week, een brochure van Delmenhorst, twee zakjes snoep, 2 sleutelhangers met een winkelwagenmuntje en 2 lippenbalsem-sticks met opschrift: “Wir sind kontaktfreudig, Stadtmarketing Delmenhorst”. Wij zijn geen fietsers, maar als je van fietsen houdt: er zijn hier 6 prachtige fietsroutes, variërend van 14 km tot 42 km. Eén van de fietsroutes loopt door dit mooie park hier, zagen wij al wandelend. De Radwanderkarte is ook bij de Touristinfo in het Rathaus te halen.

Dus tja, sfeerloos…. Ik weet niet wat voor sfeer de schrijver van die review verwacht had dan. Kaarsjes op de oprit? Een welkomst fanfare?  
Wij vinden dit in elk geval een prima plek hier. 

Wat de Oeps-momentjes betreft: vergeten de keukenla te sluiten: het staat 2-1 voor mij. 

Dag 14: Vrijdag 30 juli 2010, Delmenhorst – Fürstenau. Gereden: 121 km

Aangezien we hier tegen het centrum aan zitten, was het voor Wil maar 2 minuten lopen naar een bakker om verse broodjes te kopen.
Ontbeten en nog ff het stadje in. Leuk centrum, leuke winkeltjes en terrasjes. 

Daarna de Crazy Horse rijklaar maken en ff overleggen waar we vanavond terecht wilden komen. Dit is onze laatste nacht, morgen naar huis. Zoekend op de deelkaart van dit stukje Duitsland, viel mijn oog op een camperplaats bij een kasteeltje in een leuk stadje. Er waren slechts 2 camperplaatsen stond er, maar we reden er maar op de gok heen.

Rond 14.00 uur aangekomen bij:
Schlossinsel Fürstenau, Schlossplatz 1, Fürstenau.
Voor de camperaars: GPS coördinaten: N 52.51670 E 7.67362

Ik vond het meteen al een leuk sfeertje: het kasteeltje, restaurantje erbij, mooi park om te wandelen….. maar er stonden dus al 2 campers. Shit, dacht ik, dat gaat dus mooi niet door. Maar er kwam een aardige mevrouw naar buiten met folders, enquete-formulier, plattegrond van het stadje en ja, we mochten er gerust bij komen staan. Ze vertelde later dat ze officiëel maar 2 campers mag laten overnachten, om geen heibel te krijgen met de campingbeheerder in Fürstenau. Maar ze had nog nooit een camper weggestuurd, er hebben er wel eens 8 gestaan. Dus we mogen blijven, als we morgen om 12.00 uur maar weer weg zijn, want morgenavond is hier een feest en dat vindt plaats op deze parking. Geen probleem voor ons, morgen is de laatste dag en dan ruiken zowel de Crazy Horse als wijzelf de stal, ik verwacht dat we om 10.00 uur wel weer onderweg zijn, en dit keer voor het eerst deze vakantie via de snelweg. 
Wij houden erg van het “onderweg zijn”, maar dan mooie ritten binnendoor. Maar binnendoor naar huis is vanaf hier 236 km en tijdsduur is 4.34 uur.
Snelle route is 244 km en tijdsduur is 2.36 uur. Dus morgen kiezen we voor de snelweg. Dan mag de Crazy horse laten zien wat ie in draf en in galop kan. 
En daarna mag ie maar een weekje uitrusten in de stal, want 8 augustus vertrekken we weer voor een trip van 2 weken. Waarheen is nog niet zeker. Als het weer goed blijft, kiezen we voor Duitsland en willen we de “Romantische Strasse” gaan rijden. Wordt het regen en koud, dan moeten we ff gaan kijken waar het nog wel mooi weer is.

Slotwoord: Denemarken is een prachtig land om doorheen te tuffen, we willen ook zeker nog eens terug voor de eilandjes. Maar wel een duur land! Campings, camperplaatsen, terrasjes pikken: alles duur. Maar het was het waard. En de dagen in Duitsland hadden we gratis of hele goedkope camperplaatsen dus dat trekt het kostenplaatje weer een beetje recht.
We hebben een fijne vakantie achter de rug en weer 2404 km op onze teller erbij.

Voor wie dit leest: wij vinden het altijd heel leuk als je een krabbeltje plaatst in ons gastenboek.